Schoolondersteuningsprofiel
Welke voorzieningen heeft de school voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben?
Klik om te downloaden:
Samenvatting schoolondersteuningsprofiel
Extra leerlingbegeleiding
In de klas krijgen de leerlingen zoveel mogelijk ‘ondersteuning op maat’. We onderzoeken of een leerling toe kan met extra, minimale of basisondersteuning per vakgebied en stellen tenminste vier keer per jaar vast of deze begeleiding ook op maat is. Wanneer nodig worden individuele plannen gemaakt. Dit gebeurt als er speciale hulpvragen zijn of als de begeleiding buiten de reguliere begeleiding of het reguliere leerstofaanbod moet plaatsvinden.
Elk jaar vindt een overdracht van alle gegevens plaats tussen de huidige leerkracht en de leerkracht van het volgende leerjaar. Meerdere keren per jaar overleggen de intern begeleider en leerkracht over het functioneren van een leerling in de groep en van de groep als geheel.
De ontwikkeling van leerlingen die met extra aandacht begeleid moeten worden, wordt regelmatig besproken in een overleg tussen de leerkracht, de intern begeleider en de directie.
Als meer deskundigheid gewenst is, kan het team voor deze bespreking worden aangevuld met externe deskundigen als schoolmaatschappelijk werk, orthopedagoog, psycholoog, schoolarts, enzovoort. Voor zo’n overleg worden de ouders ook uitgenodigd. Zij moeten vooraf ook toestemming geven voor het bespreken van hun kind in dit overleg. In ons ondersteuningsplan staat beschreven welke basis en extra ondersteuning wij als school aan uw kind kunnen bieden. Het ondersteuningsplan van De Fuik is te vinden in het Ouderportaal.
Interne begeleiding
De intern begeleider is een leerkracht met specialistische kennis over onderwijskundige hulp aan leerlingen en leerkrachten. Als er vragen zijn over de begeleiding van een leerling in een groep of wanneer een leerling extra begeleiding behoeft, dan bespreken de leerkracht en intern begeleider een plan van aanpak met de directeur en de ouders. Eventueel kan dan ook nader onderzoek worden voorgesteld. Elke stap wordt met de ouders besproken. Mogelijk resulteert dit in een ondersteuningsplan dat in bijna alle gevallen in de eigen klas wordt uitgevoerd.
Protocol dyslexie
Bij leerlingen bij wie na onderzoek (een zekere mate van) dyslexie is vastgesteld, treedt het protocol dyslexie in werking. Dit houdt in dat deze leerlingen de ondersteuning krijgen als dyslecticus. Bijvoorbeeld door een aangepast programma of werkwijze op het gebied van lezen, taal en spelling. Voorop staat dat ook deze leerlingen leesvaardig worden gemaakt, zodat zij het voortgezet onderwijs dat bij hen past kunnen volgen. Vanuit de school wordt alleen in uitzonderlijke gevallen tot een dyslexieonderzoek overgegaan. Leerlingen bij wie wij vermoeden dat er mogelijk sprake is van dyslexie worden door ons extra ondersteund.
Hoogbegaafdheid
Leerlingen die uitzonderlijk hoog scoren op onderdelen van de Cito-toetsen en een IQ hebben van 130 of meer, zijn hoogbegaafd. Leerlingen die mogelijk tot deze categorie behoren kunnen met een speciaal instrument (DHH) worden getest om te zien of zij tot deze groep behoren. Zij hebben niet alleen behoefte aan moeilijkere opdrachten, maar hanteren ook andere denkstrategieën dan andere leerlingen. In de klas krijgen zij compacte lesstof waarmee ze met grotere stappen door het leeraanbod gaan, daarnaast krijgen zij tijdens de les pluswerk. De leerkrachten worden hierbij ondersteund door 
Laika, een begeleidingstraject voor leerkrachten gericht op (hoog)begaafde leerlingen.
Om deze leerlingen te blijven uitdagen zich te ontwikkelen werken we met Vostok. Hoogbegaafde leerlingen die zijn toegelaten tot
Vostok, hebben één ochtend per week les en volgen een speciaal programma. Sinds september 2016 is er een Vostoksteunpunt op obs De Stap, voor hoogbegaafde leerlingen in de Gemeente Landsmeer.
Samenwerkingsverband Waterland primair onderwijs
Onze school maakt binnen de Wet op het Passend Onderwijs, deel uit van het Samenwerkingsverband Waterland Primair Onderwijs. Vanuit het samenwerkingsverband is er professionele ondersteuning bij de pedagogische en didactische aanpak van kinderen die extra ondersteuning nodig hebben. Als een leerling extra ondersteuning nodig heeft, zal deze eerst op klassenniveau door de leerkracht geboden worden. Wanneer dit niet voldoende blijkt, zal hulp worden ingeroepen van de interne begeleider. Zo nodig zal de leerling in een ondersteuningsteam worden besproken. Indien nodig wordt extra hulp gegeven door de onderwijsassistent. Als dit alles onvoldoende blijkt, wordt ondersteuning gevraagd bij het Breed Onafhankelijk Ondersteunings Team (BOOT). Het BOOT (voorheen Zorgplatform) maakt deel uit van het samenwerkingsverband Waterland en bestaat uit de volgende aangesloten partners:
  • Samenwerkingsverband Waterland: Basisscholen en Speciale scholen voor (Basis)Onderwijs in de regio Waterland
  • Schoolbegeleiding Zaanstreek Waterland (SBZW)
  • GGD Zaanstreek/Waterland, afdeling jeugdgezondheidszorg.
Als na consultatie van het BOOT en de inzet van extra ondersteuning er geen perspectief meer is op onze school, volgt een aanmelding bij de commissie Toelaatbaarheidsverklaring (TLV). In die commissie zit de directeur van het samenwerkingsverband, die zich laat adviseren door een orthopedagoog en een GZ-psycholoog. De commissie bekijkt op grond van een door de school opgesteld rapport en/of eigen onderzoek, of verwijzing naar het speciaal onderwijs nodig is. Uiteraard worden de ouders bij elke stap betrokken.